Reglement R.M.C.
Reglement R.M.C.
Klik hier om dit reglement te downloaden
R.M.C. reglement.   versie 2010


Afbeelding is werkelijkheid. (Bijvoorbeeld een huis op een foto of een fiets op een verkeersbord)

Alleen de volgende afkortingen kunnen in een puzzelrit voorkomen:
H= huisnummerbord(je) op gebouw            P= verkeerspaddenstoel
L = links                                                  Ri = richting
R= rechts                                                Vrw = voorrangswegsituatie
EL= einde weg links                                 R.M.C.
ER= einde weg rechtsDLW
HK= hier keren
1L= eerste weg links, 2L = tweede weg links, enzovoorts.
1R= eerste weg rechts,  2R = tweede weg rechts, enzovoorts.
WW = wegwijzer, verwijzend naar tenminste één plaats (stad of dorp) in Nederland.
1e    = eerste , 2e = tweede, enzovoorts.  

De in de rit gebruikte onbemande routecontroles, borden met de tekst DLW, borden met de tekst R.M.C. en ritpijl(en) mogen niet afwijken van de in het inschrijflokaal aanwezige voorbeeldborden.

Een ritpijl geeft een verplichte rijrichting aan. U dient de eerstvolgende mogelijkheid die richting te gaan, die de ritpijl aangeeft. U dient de ritpijl te beschouwen als een bord verplichte rijrichting.

Miniatuurverkeersborden zijn voor u rechtsgeldig. Start en finish worden aangegeven door een blauwe vlag. Een rode vlag kenmerkt een gevaarlijke situatie; u bent  verplicht hier te  stoppen. Blauwe vlag en rode vlag bevinden zich rechts aan de bereden route.

Oriënteringspunten bevinden zich rechts van de bereden route of recht(s) voor u en mogen zich niet achterwaarts (loodrecht op de as van de weg tegen de rijrichting in) bevinden. (Voorbeelden: brievenbus, kerk, school, afbeelding, teksten, wegen, wegsituaties enzovoorts.)
Een oriënteringspunt dat in de routebeschrijving tussen aanhalingstekens is geplaatst is een opschrift op één bord, huis, enzovoorts.
Wegen en gelegenheden kunnen wel links liggen. (Bijvoorbeeld de aanduiding 2e weg L betekend dat u de tweede weg aan de linkerzijde moet inslaan.)
De in de routeopdracht aangegeven volgorde van oriënteringspunten is bepalend voor de uitvoering van de routeopdracht.
Om oriënteringspunten te gebruiken mogen deze niet verder dan 25 meter vanaf de as van de bereden route zijn gelegen.
                    
Bij elke routecontrole bent u verplicht te stoppen. Een routecontrole bevind zich rechts aan de bereden route, maar nooit achterwaarts (loodrecht op de as van de weg tegen de rijrichting in).
Een bemande routecontrole is kenbaar aan een oranje vlag. U moet uw routecontrolekaart  hier afgeven.
Bij het aandoen van een onbemande routecontrole moet u de eventueel daarop voorkomende letter terstond, onuitwisbaar en enkellijnig op de routecontrolekaart noteren in het daarvoor aangegeven vakje. De eventueel op een onbemande routecontrole gegeven opdracht(en) moet(en) met voorrang op de routebeschrijving worden uitgevoerd.

Een puzzelrit wordt gereden over wegen en/of gelegenheden.
Onder wegen worden verstaan, alle wegen welke door een auto kunnen en mogen worden bereden. Wegen met aan het begin van de weg een verkeersbord doodlopende weg, wegen met een bord DLW en wegen met een bord  EIGEN WEG worden als niet aanwezig beschouwd. Het  bord  DLW of  EIGEN WEG  mag zowel links als rechts van de weg geplaatst zijn. 
Gelegenheden zijn mogelijkheden om in te rijden die geen weg zijn, maar waar de wegenverkeers-wetgeving wel van toepassing is. (Bijvoorbeeld een parkeerplaats.)

Einde weg is een wegsituatie waar men niet rechtdoor kan, maar waar uitsluitend de keus bestaat om links of rechts te gaan.

De puzzelritten worden verreden met inachtneming van de verkeerswetgeving, die voorrang heeft boven alle voorgaande bepalingen.

Copyright                 © 2006 - 2010  R.M.C. Rijssen
Designed by Erik
1.

2.











3.


4.


5.



6.











7.








8.







9.


10.