Reglement R.M.C.
Reglement R.M.C.
Klik hier om dit reglement te downloaden
Copyright                 © 2006 - 2012  R.M.C. Rijssen
Designed by Erik
R.M.C. reglement.   versie 2011


1. Afbeelding is werkelijkheid. (Bijvoorbeeld een huis op een foto of een fiets op een verkeersbord)

2. Alleen de volgende afkortingen kunnen in een puzzelrit voorkomen:
    H= huisnummerbord(je) op gebouw            P= verkeerspaddenstoel
    L = links                                                              Ri = richting
    R= rechts                                                            Vrw = voorrangswegsituatie
    EL= einde weg links                                         R.M.C.
    ER= einde weg rechts                                      DLW
    HK= hier keren
    1L= eerste weg links, 2L = tweede weg links, enzovoorts.
    1R= eerste weg rechts,  2R = tweede weg rechts, enzovoorts.
    WW = wegwijzer, verwijzend naar tenminste één plaats (stad of dorp) in Nederland.
    1e   = eerste, 2e  = tweede, enzovoorts.  

3.  De in de rit gebruikte onbemande routecontroles, borden met de tekst DLW, borden met de tekst R.M.C. en ritpijl(en)       
     mogen niet afwijken van de in het inschrijflokaal aanwezige voorbeeldborden.

4.  Een ritpijl geeft een verplichte rijrichting aan. U dient de eerstvolgende mogelijkheid die richting te gaan, die de ritpijl  
     aangeeft. U dient de ritpijl te beschouwen als een bord verplichte rijrichting. De ritpijl moet met voorrang op de
     routebeschrijving worden uitgevoerd.

5.  Miniatuurverkeersborden zijn voor u rechtsgeldig. Start en finish worden aangegeven door een blauwe vlag. Een
     rode vlag kenmerkt een gevaarlijke situatie; u bent  verplicht hier te  stoppen. Blauwe vlag en rode vlag bevinden zich 
     rechts aan de bereden route.

6.  Oriënteringspunten bevinden zich rechts van de bereden route of recht(s) voor u en mogen zich niet achterwaarts 
     (loodrecht op de as van de weg tegen de rijrichting in) bevinden. (Voorbeelden: brievenbus, afbeelding, teksten, wegen,
     wegsituaties enzovoorts.) 
     Een oriënteringspunt dat in de routebeschrijving tussen aanhalingstekens is geplaatst is een opschrift op één bord,    
     huis, enzovoorts. De tekst op het voorwerp dient in zijn geheel in de routebeschrijving te zijn opgenomen.
     Wegen en gelegenheden kunnen wel links liggen. (Bijvoorbeeld de aanduiding 2e  weg L betekend dat u de tweede 
     weg aan de linkerzijde moet inslaan of op rotonde 2e weg rechts, dit betekent dat u de rotonde oprijdt en daarna 2e weg
     rechts gaat.)
     De in de routeopdracht aangegeven volgorde van oriënteringspunten is bepalend voor de uitvoering van de 
     routeopdracht.
     Om oriënteringspunten te gebruiken moeten deze in zijn geheel binnen de 25 meter vanaf de as van de bereden route zijn
     gelegen.
                    
7.  Bij elke routecontrole bent u verplicht te stoppen. Een routecontrole bevind zich rechts aan de bereden route, maar
     nooit achterwaarts (loodrecht op de as van de weg tegen de rijrichting in).
     Een bemande routecontrole is kenbaar aan een oranje vlag. U moet uw routecontrolekaart  hier afgeven.
     Bij het aandoen van een onbemande routecontrole moet u de eventueel daarop voorkomende letter terstond,
     onuitwisbaar en enkellijnig op de routecontrolekaart noteren in het daarvoor aangegeven vakje.
     Bij een fout op de onbemande routecontrole is de gehele routecontrole ongeldig
     De eventueel op een onbemande routecontrole gegeven opdracht(en) moet(en) met voorrang op de routebeschrijving
     worden uitgevoerd.

8.  Een puzzelrit wordt gereden over wegen en/of gelegenheden.
     Onder wegen worden verstaan, alle wegen welke gezien vanaf de bereden route door een auto kunnen en mogen worden
     bereden.
     Een weg moet worden beoordeeld vanaf de bereden route tot aan de eerstvolgende zijweg, maar nooit verder dan 25
     meter vanaf het begin van de weg
     Wegen met aan het begin van de weg een verkeersbord doodlopende weg, wegen met een bord DLW en wegen met een
     bord EIGEN WEG worden als niet aanwezig beschouwd. Het  bord  DLW of  EIGEN WEG  mag zowel links als rechts van
    de weg geplaatst zijn. 
    Gelegenheden zijn mogelijkheden om in te rijden die geen weg zijn, maar waar de wegenverkeers-wetgeving wel van
     toepassing is. (Bijvoorbeeld een parkeerplaats.)

9.  Einde weg is een wegsituatie waar men niet rechtdoor kan, maar waar uitsluitend de keus bestaat om links of rechts
     te gaan.

10.De puzzelritten worden verreden met inachtneming van de verkeerswetgeving, die voorrang heeft boven alle
     voorgaande bepalingen.